Home > Auteursrecht > Enkele juridische aandachtspunten bij crowdsourcing
Enkele juridische aandachtspunten bij crowdsourcing

Enkele juridische aandachtspunten bij crowdsourcing

Tien weten meer dan een. Deze waarheid is een van de kerngedachten achter crowdsourcing. Een term die steeds vaker voor komt. Maar wat is het eigenlijk? Wat is het verschil met crowdfunding? In dit artikel een eerste juridische verkenning van enkele juridische aandachtspunten van crowdsourcing.

Wat is crowdsourcing?

Het is altijd lastig om nieuwe termen goed te duiden, zeker zonder onomstreden definities.

Wikipedia geeft de volgende definitie aan crowdsourcing:

Crowdsourcing is the practice of obtaining needed services, ideas, or content by soliciting contributions from a large group of people, and especially from an online community, rather than from traditional employees or suppliers. This process is often used to subdivide tedious work or to fund-raise startup companies and charities, and can also occur offline. It combines the efforts of numerous self-identified volunteers or part-time workers, where each contributor of their own initiative adds a small portion to the greater result. Crowdsourcing is distinguished from outsourcing in that the work comes from an undefined public rather than being commissioned from a specific, named group

 Kenmerken van crowdsourcing volgens deze definitie zijn dus:

–       samenbrengen van diensten, ideeën (knowhow) en content

–       door (vaak) grote groepen mensen

–       (meestal) online dimensie; dus via online platforms, communities

–       vaak ingezet in het kader van start-ups

–       inzet door meestal vrijwilligers of parttimers

–       voortbouwen op eerder werk (iedereen draagt steeds een beetje meer bij)

Wat is het verschil met crowdfunding?

Crowdsourcing en crowdfunding worden nogal eens als hetzelfde aangemerkt, maar dat is volgens mij niet juist. Waar crowdsourcing – op grond van bovenstaande definitie – vooral betrekking heeft op het samenbrengen van ideeën, content in het kader van de (door)ontwikkeling van een bepaald product, moet crowdfunding vooral gezien worden als een financieringsconstructie. Als bijvoorbeeld een startup te weinig kapitaal heeft om zelf de ontwikkeling van het product te financieren en hij vindt geen bank die hem wil financieren (wat tegenwoordig nogal eens voorkomt), dan kan de producent ook aankloppen bij het publiek (de crowd) voor relatief kleine financiële bijdragen. Een van de bekendste voorbeelden een crowdfunder is Kickstarter. Daar kun je een project aanmelden en aangeven hoeveel geld je nodig hebt om jouw innovatieve product te kunnen produceren. Dit wordt gepost op de website van Kickstarter. Mensen die geïnteresseerd zijn in het project kunnen sponsor worden en een bepaald bedrag toezeggen (‘plegde’). Pas als 100% van het investeringsbedrag is toegezegd, wordt het geld daadwerkelijk van de creditcards van de ‘pledgers’  afgeschreven. Aan crowdfunding en in het bijzonder het opzetten en exploiteren van dergelijke crowdfunding platforms kleven verschillende regels. Ik verwijs hiervoor graag naar het bericht van mijn collega Sebastiaan van de Kant.

Enkele juridische aandachtspunten bij crowdsourcing

Als meerdere partijen samenwerken aan een product of uitwerking van een idee moeten goede afspraken worden gemaakt over zaken als: wie wordt straks de eigenaar van het resultaat? Is het te beschermen door een recht van intellectuele eigendom zoals een octrooi, merk, model, auteursrecht of databankenrecht. En zo ja, aan wie komen die rechten dan toe? Degene die als eerste met het idee kwam zal vaak zeggen dat die rechten allemaal aan hem toekomen omdat hij immers het idee heeft gehad, maar dat is niet zo.

Sommige rechten van intellectuele eigendom moeten worden geregistreerd (octrooi, merk, model) voordat je daar iets aan hebt. De rechten die daaruit voortvloeien komen in beginsel toe aan de houder van het octrooi, merk of model. Andere rechten ontstaan automatisch, bijvoorbeeld het databankenrecht en het auteursrecht. Auteursrechten ontstaan automatisch en komen toe aan de maker van een werk. Maar wie is dat en wat is dan als werk aan te merken? Niet ondenkbaar is dat elke bijdrage aan een project een zelfstandig auteursrechtelijke beschermd werk is (denk bijvoorbeeld aan het schrijven van een bepaalde tekst die wordt geplaatst op een website die door een ander is vormgegeven, welke website weer door een ander technisch is  gebouwd). Hier kunnen juridisch lastige situaties ontstaan.

 Het geheel van verschillende samengebrachte werken zou op zichzelf ook weer een beschermd werk kunnen zijn. Om te bepalen aan wie de (auteurs)rechten op dat samengestelde werk toekomen, maakt het nogal uit hoe dat werk is samengesteld.

Als bijvoorbeeld het uiteindelijke meeromvattende werk bestaat uit afzonderlijke werken die goed deelbaar zijn, ontstaat er een combinatie van werken of verzamelwerk. De rechten op dat verzamelwerk komen dan in beginsel toe aan degene onder wiens leiding en toezicht “het gansche werk” tot stand is gebracht en als dat niet aan de orde is: degene die de verschillende werken heeft verzameld (artikel 5 Auteurswet). De makers van de individuele bijdragen blijven in dat geval gerechtigd hun zelfstandige bijdragen te exploiteren, mits zij aan bronvermelding doen (duidelijk maken dat hun bijdrage onderdeel uitmaakt van het meeromvattende werk).

Als de bijdragen niet meer scheidbaar zijn, althans niet eenvoudig, (bijvoorbeeld omdat sprake is van één tekst of van programmatuur waaraan door meerdere auteurs is gewerkt) dan is er sprake van een gemeenschappelijk werk. In dat geval ontstaat er een gemeenschap, wat betekent dat ten aanzien van de exploitatie van het meeromvattende werk in beginsel de instemming van alle (!) auteurs nodig is. Het moge duidelijk zijn dat deze laatste situatie niet heel aantrekkelijk is voor degene die het goede idee heeft en met crowdsourcing een snelle marktintroductie te creëren en te maken heeft met 50 tot 100 deelnemers met ten minste evenveel bijdragen. De initiatiefnemer van het project doet er in dat geval goed aan om ervoor te zorgen dat alle deelnemers de auteursrechten (en andere intellectuele eigendomsrechten) op hun bijdragen bij voorbaat aan hem over te laten dragen. Let op: dit moet volgens de Nederlandse auteurswet wel schriftelijk!

Andere aandachtspunten waar je van tevoren goed over moet nadenken:   

  • Is de input van anderen wel vrij te gebruiken? Dergelijke input (content, software, vormgeving) kan beschermd zijn door rechten van intellectuele eigendom die toekomen aan anderen. Hebben zij daarvoor wel toestemming gegeven?
  • Het resultaat kan inbreuk maken op (intellectuele eigendoms)rechten van derden.  
  • Ten aanzien van het resultaat: Wie wordt waarop rechthebbende? Vooraf afspraken over maken.
  • Krijgen de participanten het recht om het resultaat ook zelf te vermarkten? Of krijgen ze alleen het recht om als een van de eerste het resultaat voor zichzelf te gebruiken? Hebben ze recht op een bepaald percentage van de inkomsten van de initiatiefnemer (kick back vergoeding?).
  • Stel een parttime software engineer klust op de dagen dat hij vrij bij en werkt mee aan een sympathiek crowdsourcing project door software te schrijven. Aan wie komen de auteursrechten dan toe? Aan hemzelf of zijn werkgever?
  • Stel dat er al crowdsourcend een nieuwe ontdekking/vinding wordt gedaan die in beginsel in aanmerking zou kunnen komen voor octrooirechtelijke bescherming. Wie gaat/mag dat octrooi dan aanvragen, wie geldt er als uitvinder?
  • Wie is waarvoor aansprakelijk? Stel er zit een fout in een bijdrage die er uiteindelijk voor zorgt dat het geheel niet goed werkt. Hierbij kan het uiteraard uitmaken dat iemand die een bijdrage levert een belang houdt bij de exploitatierechten van het geheel of profiteert van het als eerste geleverd krijgen van een bepaald creatief en innovatief product (dan houdt hij immers zelf ook belang om zijn werk goed te doen).
  • Mogen de deelnemers buiten het project ook gebruik maken van elkaars knowhow? Moeten de deelnemers geheimhouding betrachten ten aanzien van knowhow die ontstaat gedurende het project?
  • Wordt elke bijdrage die geleverd wordt, geleverd “as is” en dus zonder enige garantie dat de bijdrage inbreuk maakt op rechten van derden of fouten of andere onvolkomenheden bevat? Het is verstandig hier een vrijwaring voor af te laten geven.
  • Wie draait er op voor de kosten voor eventuele noodzakelijke markttoelatingskeuringen?
  • Welk recht is eigenlijk van toepassing om het voorgaande te kunnen beoordelen als er vanuit alle windstreken van de wereld aan het project gewerkt wordt? Bij welke rechter kun je aankloppen als er een geschil ontstaat?

Stel dus van tevoren goed met elkaar vast wat het doel is van de samenwerking en wat er met de resultaten gaat gebeuren; worden die enkel met de deelnemers gedeeld? Mogen deze resultaten worden gedeeld met anderen? Mogen ze commercieel worden vermarkt? Zo ja, door wie dan? Op online communities zou dit per project kunnen worden gedaan door als initiatiefnemer van een project enkele spelregels vast te stellen die iedereen moet accepteren als hij/zij mee wil doen aan het project. 

Tot slot

Is dit heel erg nieuw? Nee. Er wordt al sinds jaar en dag samengewerkt aan het ontwikkelen van nieuwe diensten en producten. Dit gebeurt op kleine schaal (samen in de garage een zeilboot maken) of op grotere industriële schaal waarbij bedrijven Joint Development en Reseach and Development contracten met elkaar sluiten. Dat is niet voor niets. Het is verstandig vooraf goede afspraken te maken over wie wat bijdraagt, aan wie de rechten toekomen op de bijdragen en het resultaat, wat de anderen mogen doen met door de een ingebrachte knowhow, wat iedereen mag doen met knowhow die gedurende het project ontstaat en wat wie mag doen met de resultaten van alle inspanningen. Uit die praktijk zijn goede lessen te trekken die gebuikt kunnen worden bij crowdsourcing.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Scroll To Top