Home > Auteursrecht > Staat claimt weer bescherming op politie-striping
Staat claimt weer bescherming op politie-striping

Staat claimt weer bescherming op politie-striping

De Staat legt opnieuw een claim op striping: het lijnenpatroon dat wordt gevoerd op voertuigen van de hulpdiensten van de overheid. Naar eigen zeggen voor “optimale herkenbaarheid”. Zij heeft voor het ontwerp zelfs een beeldmerk gedeponeerd. Eerder lukt het de Staat om dergelijke striping op auto’s te verbieden.

Ditmaal heeft Darkness Reigns striping laten aanbrengen op een auto. De Staat stelt dat Darkness Reigns hiermee inbreuk maakt op de auteursrechten en merkenrechten van de Staat en dat jegens haar onrechtmatig wordt gehandeld, en vordert staking van de inbreuken. De vorderingen worden echter afgewezen.

De Rechtbank Midden-Nederland oordeelt als volgt:

“De striping die [gedaagde sub 2] gebruikt op de Auto bevat enkele elementen die zijn overgenomen uit het werk van de Staat. Bij zowel de striping op de Auto als de politiestriping loopt het lijnenspel op de voor- en achterzijde van de auto’s naar elkaar toe. De striping op de zijkanten van de Auto is, net als bij de politiestriping en secundaire striping, aangebracht in een hoek van, op het oog 40°. Verder is in alle gevallen sprake van rechte afsneden en een symmetrisch lijnenspel. Net als bij de secundaire striping is sprake van enkele lijnen. Ook geldt dat het kleurgebruik van de striping op de Auto overeenstemt met de striping van de auto’s van Dynamic Diplomatic Surveillance. Evenwel is er ook een aantal verschillen tussen de striping op de Auto en de striping die de Staat hanteert. Zo bevindt het lijnenspel op de achterkant van de Auto zich – anders dan bij de politiestriping en secundaire striping – onder het nummerbord, heeft de Auto op de achterkant en zijkanten meer lijnen en is het lijnenspel aan de voor- en achterzijde van de Auto hoger afgesneden. Het meest kenmerkende verschil wordt echter gevormd door de opvallende dubbele gele strepen, een brede en een smalle, die over de gehele omtrek van de Auto loopt, hetgeen bij de politiestriping en secundaire striping niet het geval is. De voorzieningenrechter is dan ook van oordeel dat geen sprake is van overeenstemmende totaalindrukken tussen de striping die [gedaagde sub 2] hanteert en de striping waarop de Staat het auteursrecht stelt te hebben. Hooguit is sprake van een globale gelijkenis en dat is niet voldoende voor het aannemen van een inbreuk op het auteursrecht (HR 13 oktober 1989, NJ 1990/337). De vorderingen van de Staat gegrond op het auteursrecht zullen dan ook worden afgewezen.”

Kortom, omdat het lijnenspel afwijkt, is geen sprake van inbreuk. Hetzelfde geldt voor het afwijzende merkrechtelijk oordeel en het oordeel dat er niet onrechtmatig wordt gehandeld: er is geen sprake van een overeenstemmend teken en verwarring bij het publiek is niet te duchten.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen