Home > Auteursrecht > Fotograferen en filmen met drones juridisch belicht
Fotograferen en filmen met drones juridisch belicht

Fotograferen en filmen met drones juridisch belicht

Niet alleen journalisten maar ook bedrijven, hobbyisten en privé-personen maken steeds vaker gebruik van drones voor video- en foto-opnames. Welke media- en auteursrechtelijke aspecten kleven er aan het gebruik van foto- en filmmateriaal gemaakt met drones? Waar liggen de kansen en de bedreigingen van drones?

Over het gebruik van drones voor is recentelijk een rapport van de WODC verschenen. Het rapport merkt over de mediarechtelijke aspecten onder meer het volgende op:

“Ook kan journalisten eventueel een onrechtmatige daad worden toegerekend indien op een verboden plek opnames worden gemaakt en materiële of immateriële schade wordt veroorzaakt. Indien de opnames een algemeen belang dienen, houdt de rechter rekening met de omstandigheden van het geval en worden de in het geding zijnde belangen afgewogen. Op dit moment is er nog geen jurisprudentie beschikbaar om enige richting of voorbeelden te geven onder welke omstandigheden het gebruik van drones door journalisten zonder de juiste ontheffing aanvaardbaar wordt geacht. (…) Het is mogelijk met drones heimelijk opnames te maken, waarbij tevens een inbreuk wordt gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene. Voor de beoordeling of de publicatie van opnames die door een drone zijn gemaakt door de beugel kan, zal de rechter een afweging maken tussen het privacybelang van de betrokkene en het belang om de informatie te openbaren als onderdeel van het recht op de vrijheid van meningsuiting. Het belang van de vrijheid van meningsuiting weegt zwaarder indien een ernstige misstand wordt aangetoond.”

Deze bekende afweging van het privacy belang enerzijds en het belang om informatie te vergaren en te publiceren anderzijds, speelt dus ook bij het maken van foto’s en films via drones. Dat geldt niet alleen voor het (heimelijk) maken van opnames van iemands achtertuin, maar ook in gevallen waarbij bekende Nederlanders worden gefotografeerd. Telkens is de vraag wanneer de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer kan worden gerechtvaardigd om redenen van vrijheid van meningsuiting. Bij opnames van iemands privé situatie zal het privacy belang al snel prevaleren. Het rapport noemt het geval van een zaak waarbij foto’s van het interieur van een woning van Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima door het dagblad Privé werden gepubliceerd. In dat geval oordeelde de rechter dat het recht op privacy van het koningspaar zwaarder woog dan het recht op de vrijheid van meningsuiting. Het publiek belang dat hier bestond uit ‘bevrediging van de nieuwsgierigheid’ van mensen kon hier niet als reden worden aanvaard om de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer te rechtvaardigen. Daarentegen mochten de foto’s van het exterieur van het huis wel worden gepubliceerd.

Naast de mediarechtelijke aspecten, speelt bij fotografie en film via drones met name het auteursrecht. Fotografische werken en filmwerken staan expliciet in artikel 10 Auteurswet (Aw) vermeld als beschermde werken. Volgens het bekende Painer-arrest geldt dat foto’s zeer snel voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komen. Vermoedelijk zal het gebruik van een drone om een foto mee te maken, mogen meetellen bij het bepalen of een foto (met behulp van een drone gemaakt) auteursrechtelijk beschermd is. Daarvan zal zoals gezegd snel sprake zijn.

In de Auteurswet is verder het portretrecht omschreven. Kort gezegd bepaalt artikel 21 Auteurswet dat indien een portret is vervaardigd zonder opdracht , de openbaarmaking van een portret niet geoorloofd is voor zover een redelijk belang va de geportretteerde zich daartegen verzet. Het rapport merkt hierover het volgende op:

“Indien met een drone opnames worden gemaakt van het gezicht van een individu en vervolgens deze opnames zonder toestemming worden geopenbaard, bijvoorbeeld gepubliceerd op internet, kan het portretrecht van de betrokkene in het spel zijn. Het portretrecht is van toepassing als iemands identiteit uit een portretafbeelding naar voren komt (…). Meestal gaat het daarbij om het gezicht van een persoon, maar ook aan iemands houding kan onder omstandigheden een persoon worden herkend.”

Op grond van het privacyrechtelijke portretrecht kan iemand van wie een herkenbare opname is gemaakt met een drone bezwaar maken. Het rapport geeft ook aan dat dit een grond voor schadevergoeding kan zijn. Dat geldt overigens ook in een commerciele setting, aldus ook het rapport.

Een commercieel motief bij de openbaarmaking van afbeeldingen kan bijvoorbeeld een redelijk belang van de betrokkene zijn om een publicatie tegen te houden. (…) het redelijk belang van de betrokkene moet worden afgewogen tegen de vrijheid van meningsuiting om een afbeelding waarop portretrecht berust te openbaren (publiceren).

Kortom, mocht iemands beeltenis of portret, gefotografeerd of gefilmd met een drone, in een commerciële setting worden hergebruikt, dan heeft de geportretteerde onder omstandigheden ook een recht zich daartegen te verzetten.

Het rapport geeft verder een uiteenzetting van de andere juridische aspecten van het gebruik van drones, zoals op het gebied van aansprakelijkheid, luchvaartregels en de Wet bescherming persoonsgegevens.

Joost Becker, advocaat auteursrecht

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Scroll To Top