U bent hier: Home > Digitalisering > Voorstel voor wet tot bescherming klokkenluiders
Voorstel voor wet tot bescherming klokkenluiders

Voorstel voor wet tot bescherming klokkenluiders

De eerste kamer bespreekt vandaag een (herzien) voorstel voor wet tot bescherming van klokkenluiders – de Wet Huis voor klokkenluiders – nadat dit voorstel in de zomer van 2015 al door de tweede kamer met algemene stemmen werd aangenomen.

Uit de toelichting op de website van de eerste kamer blijkt dat het in ieder geval de intentie is een dergelijke wet in werking te laten treden.

De Eerste Kamer heeft tijdens de eerste termijn van de plenaire behandeling van het initiatiefvoorstel 33.258 de wens uitgesproken dat dat voorstel zo spoedig mogelijk tot wet wordt verheven, maar tevens aangegeven een aantal zorgen te hebben. Dat heeft de initiatiefnemers doen besluiten tot een wijziging van het wetsvoorstel, waarin onder meer gevolg wordt gegeven aan de toezeggingen die aan de Eerste Kamer zijn gedaan. Ook wordt daarmee tegemoet gekomen aan bezwaren die eerder door een aantal fracties in de Tweede Kamer zijn gemaakt.”

Het wetsvoorstel zou ertoe moeten leiden dat een zelfstandig bestuursorgaan (het ‘Huis voor Klokkenluiders’) wordt ingesteld dat (in het kader van de aan te nemen wet) een vergrote bescherming van werknemers tot gevolg heeft. Het bestuursorgaan zou als taak hebben advies aan en onderzoek  voor een werknemer die een misstand aan de kaak wil stellen. De werknemer kan bij het bestuursorgaan conform het wetsvoorstel een verzoekschrift tot onderzoek indienen.

De wet maakt duidelijk dat de bescherming (of wellicht beter begeleiding) van een werknemer niet onbeperkt is. De wet betreft slechts gevallen waarin een vermoeden van een misstand bestaat en het voorstel voor de Wet Huis voor Klokkenluiders definieert dit als volgt:

vermoeden van een misstand: het vermoeden van een werknemer, dat binnen de organisatie waarin hij werkt of heeft gewerkt of bij een andere organisatie indien hij door zijn werkzaamheden met die organisatie in aanraking is gekomen, sprake is van een misstand voor zover:1°. het vermoeden gebaseerd is op redelijke gronden, die voortvloeien uit de kennis die de werknemer bij zijn werkgever heeft opgedaan of voortvloeien uit de kennis die de werknemer heeft gekregen door zijn werkzaamheden bij een ander bedrijf of een andere organisatie, en2°. het maatschappelijk belang in het geding is bij de schending van een wettelijk voorschrift, een gevaar voor de volksgezondheid, een gevaar voor de veiligheid van personen, een gevaar voor de aantasting van het milieu, een gevaar voor het goed functioneren van de openbare dienst of een onderneming als gevolg van een onbehoorlijke wijze van handelen of nalaten;

Daarbij is het voorstel om in de wet een waarborg te introduceren voor de klokkenluidende werknemer: “De werkgever mag de werknemer niet benadelen als gevolg van het te goeder trouw en naar behoren melden van een vermoeden van een misstand als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet Huis voor klokkenluiders tijdens en na de behandeling van deze melding bij de werkgever of de daartoe bevoegde instantie.”

Zodra dit voorstel is geaccepteerd als wet, treedt de wet per direct in werking. Lees het gehele wetsvoorstel hier. De stemmingen over het wetsvoorstel zijn gepland op 16 februari 2016.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen