Home > Vergelijkende en misleidende reclame > Misleiding door gebruik van verpakkingen?
Misleiding door gebruik van verpakkingen?

Misleiding door gebruik van verpakkingen?

De verpakking van een product kan misleidend zijn, indien daarop claims staan die onjuist zijn. In 2015 heeft het Europese Hof van Justitie geoordeeld dat als de ingrediëntendeclaratie – dus de lijst met ingrediënten – juist en volledig is, het publiek tóch misleid kan worden door de rest van de verpakking. Juiste informatie op de achterkant van het etiket kan misleiding niet wegnemen, want de consument leest het hele etiket, aldus het Hof. Dit roept de vraag op: wanneer is een verpakking misleidend?

De zaak gaat over een theeverpakking van Teekanne met daarop (o.a. op de voorkant) afbeeldingen van frambozen en vanillebloesem. De verpakking vermeldt ook: ‘enkel natuurlijke ingediënten’ en ‘vruchtenthee met natuurlijke aroma’s’. De lijst met ingrediënten maakt evenwel duidelijk dat de verpakking géén framboos, vanille of de aroma´s daarvan bevat.

Gesteld werd dat de verpakking misleidend is omdat de consument de indruk krijgt dat de thee echt bestanddelen van framboos en vanille of natuurlijke framboos- of vanille-aroma’s bevat. Het Hof van Justitie gaat daar in mee.

De regelgeving over etikettering bepaalt dat reclame voor levensmiddelen (is in de zin van de Etiketteringsrichtlijn (2000/13), die inmiddels is vervangen door Verordening 569/2009), waaronder de verpakking ervan, niet misleidend mag zijn voor de consument. Het Hof van Justitie formuleert in dat licht de volgende rechtsregel: ‘Bij de beoordeling of een etikettering voor een koper misleidend kan zijn, moet de (…) rechter voornamelijk uitgaan van de vermoedelijke verwachting ten aanzien van die etikettering die een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende consument heeft ten aanzien van de oorsprong, de herkomst en de hoedanigheid van het levensmiddel, aangezien het er in wezen om gaat de consument niet te misleiden en hem er niet toe te brengen ten onrechte te geloven dat het product een andere oorsprong, herkomst of hoedanigheid heeft dan in werkelijkheid het geval is.’

Deze toetssteen (misleiding-of-niet?) brengt volgens het Hof mee dat hoewel de consument ook de ingrediëntenlijst leest (die verplicht is), de rest van de verpakking mag meetellen bij de vraag of de verpakking misleidend. Kortom, ook al is de lijst met ingrediënten dus op zich juist en volledig, die kan ‘ondergeschikt zijn om de verkeerde of dubbelzinnige indruk van de consument over de kenmerken van een levensmiddel, die voortvloeit uit de andere elementen waaruit de etikettering van dat levensmiddel is samengesteld, genoegzaam te corrigeren’.

Vervolgens geeft het Hof een algemene regel over misleiding: ‘[i]n de situatie waarin de etikettering van een levensmiddel en de wijze waarop deze is uitgevoerd, in hun geheel beschouwd, de indruk wekken dat dit levensmiddel een ingrediënt bevat dat het in werkelijkheid niet bevat, kan dergelijke etikettering de koper dus misleiden ten aanzien van de kenmerken van dat levensmiddel.’ Deze vorm van misleiding is niet toegestaan.

De rechter dient dit voor elke verpakking te bepalen. Hij zal in dit geval dus moeten onderzoeken of alle verschillende elementen van de etikettering van de vruchtenthee de consument zal misleiden over de aanwezigheid van frambozen- en vanillebloesembestanddelen of van uit die ingrediënten verkregen aroma’s.

Hoe moet daar bij te werk gaan? Volgens het Hof moet rekening worden gehouden met: woorden en afbeeldingen, hun plaats, grootte en lettertype, kleur, taal, zinsbouw en leestekens van de verschillende elementen op de verpakking.

De conclusie van voorgaande is dat hoewel de consument wordt geacht zowel het etiket als de ingrediënten te bekijken, de boodschap die uitgaat van het totaalbeeld van de rest van de verpakking misleidend kan zijn als die onjuist is. Anders gezegd: een juiste ingrediëntendeclaratie is op zich dus niet voldoende om mogelijke misleiding weg te nemen. De rest van de verpakking telt ook mee. Aan de hand van het totaalbeeld moet worden bepaald of de verpakking misleidend is of niet.

Joost Becker, advocaat reclamerecht

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen