Home > Auteursrecht > Video Cloud Recorder voor privé-kopieën verboden door Europees Hof
Video Cloud Recorder voor privé-kopieën verboden door Europees Hof

Video Cloud Recorder voor privé-kopieën verboden door Europees Hof

Het Hof van Justitie EU heeft geoordeeld dat Video Could Recorder diensten waarmee privé-kopieën kunnen worden opgeslagen verboden zijn.

Verbod auteursrechtinbreuk

Commerciële onderneming is het niet toegestaan aan particulieren een dienst aan te bieden waarbij “in de cloud” privékopieën van auteursrechtelijke werken worden opgeslagen, als er actief wordt bijgedragen aan de opname van die kopieën. Het Hof oordeelt dat indien zulks zonder toestemming geschiedt, dit auteursrechtinbreuk oplevert.

Video Cloud Recorder

Op VCAST’s website konden gebruikers kiezen uit uitzendingen van televisiekanalen, en daarvan een concrete uitzending kiezen of tijdvak. Het systeem van VCAST ontvangt het televisiesignaal met behulp van eigen antennes en neemt de gekozen uitzending op, waarbij die opname op de door de gebruiker aangegeven gegevensopslagruimte in de cloud wordt geplaatst.

Omdat de opnames door de gebruikers in de cloud worden geplaatst, werd bepleit dat het hier ging om privé-kopiëren hetgeen onder omstandigheden is toegestaan onder de Auteursrechtrichtlijn (art. 5 lid 2 sub b) als uitzondering op het auteursrecht.
Echter, dat verweer (van RTI) gaat hier niet op:
Het Hof heeft (…) geoordeeld dat artikel 5, lid 2, onder b), van richtlijn 2001/29 weliswaar aldus moet worden begrepen dat de uitzondering voor kopieën voor privégebruik de rechthebbende verbiedt zijn uitsluitende recht om reproducties toe te staan of te verbieden uit te oefenen tegenover personen die privékopieën van zijn werken vervaardigen, maar dat die bepaling niet aldus moet worden begrepen dat zij, bovenop deze uitdrukkelijk vastgelegde beperking, aan de houder van het auteursrecht de verplichting oplegt om de inbreuken op zijn rechten te gedogen waarmee de vervaardiging van privékopieën gepaard kan gaan (zie in die zin arrest van 10 april 2014, ACI Adam e.a., C‑435/12, EU:C:2014:254, punt 31).
De cloud-dienst van VCAST kan niet van deze uitzondering profiteren:
de verrichter van die dienst zich niet beperkt tot het organiseren van de reproductie, maar bovendien, met het oog op hun reproductie, toegang levert tot de uitzendingen van bepaalde televisiekanalen die op afstand kunnen worden opgenomen. Het staat aldus aan de individuele klanten om de op te nemen uitzendingen te kiezen. (…) In die zin heeft de in het hoofdgeding aan de orde zijnde dienst een dubbele functie, namelijk het maken van de reproductie en het ter beschikking stellen van de betrokken werken en voorwerpen.
Omdat VCAST volgens het Hof de uitzendingen opneemt en via internet ter beschikking stelt, is sprake van een handeling waarvoor toestemming had moeten worden gevraagd.

Geen privé-kopie

VCAST kan volgens het Hof niet profiteren van het feit dat de gebruikers van de cloud-dienst voor privé de kopieën in de cloud zetten.

(…) De uitzondering voor kopieën voor privégebruik impliceert weliswaar dat de rechthebbende zijn uitsluitend recht om door natuurlijke personen gemaakte privékopieën toe te staan of te verbieden niet mag uitoefenen in de in artikel 5, lid 2, onder b), van richtlijn 2001/29 vastgestelde omstandigheden, maar de vereiste van een strikte uitlegging van die uitzondering impliceert dat deze rechthebbende daardoor niet het recht verliest om de toegang te verbieden of toe te staan tot de werken of ander materiaal waarvan die personen privékopieën wensen te maken
(…)
Hieruit volgt dat zonder toestemming van de rechthebbende, het maken van kopieën van werken door middel van een dienst als aan de orde in het hoofdgeding, de rechten van die rechthebbende in het gedrang kan brengen. (…) Daarom kan een dergelijke dienst die de mogelijkheid biedt om video’s op afstand op te nemen, niet onder artikel 5, lid 2, onder b), van richtlijn 2001/29 vallen.

Kortom, het handelen van VCAST beperkt zich niet tot het maken van privékopieën, maar zijn ook een mededeling aan het publiek.

Ander technisch middel

Opvallend is nog dat het Hof niet meer gaat onderzoeken of er sprake is van een “nieuw publiek” dat door de cloud-dienst wordt bereikt (een criterium dat eerder bij andere diensten of middelen door het Hof is aangelegd om te beoordelen of zij al dan niet zijn toegestaan onder het auteursrecht). Het Hof oordeelt kort gezegd dat er een ander technisch middel wordt gebruikt; de oorspronkelijke uitzendingen van RTI vonden niet plaats op de wijze waardoor deze via de dienst van VCAST werden doorgegeven.

De conclusie die uit het arrest kan worden getrokken is dat auteursrechthebbende niet hoeven toe te staan dat er (online) diensten worden aangeboden als (de aanbieder van) die dienst zelf ook inbreukmakend handelt.
Joost Becker, advocaat auteursrecht
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen